Het geluk aan je kont

Vorige week zag ik, voor het eerst van mijn leven, de loting voor een belangrijk voetbaltoernooi live op TV. Wat heet: de loting voor het WK-voetbal in Qatar! Ik heb gelukkig de misselijkmakende ‘veren-in-de-kont-van-Qatar-stekerij’ van onze infantile Fifa-voorzitter gemist maar moest in de pers lezen dat hij het nu al ‘het beste WK-toernooi ooit’ vond. Ik begrijp dat een paar families van mensen die daar moesten bouwen en werken aan de stadions en nooit meer thuis zijn gekomen daar anders over denken.

De loting zelf, waar ik bij toeval middenin viel, is eigenlijk te kinderachtig voor woorden. Grote voetballers, die prijs na prijs hebben gewonnen en voor menige jongetje (inmiddels ook meisje) een voorbeeld zijn, staan in hun Armani pak stom grijnzend in een bak met balletjes te graaien. Met tromgeroffel alsof het om de hoofdprijs van 6 miljoen Euro gaat, wordt er, op bevel van een strenge dame in bevallig avondkleed, één balletje uit genomen en dan brult de voetballer in gebroken Engels: G3! Als hij dat succesvol gedaan heeft, parelt het zweet van zijn voorhoofd. Hè, hè, het is eruit! Maar dat Zwitserland op plek G3 ging spelen was ons als kijker allang duidelijk, want alleen plaats G3 was in die poule nog open. En dat ritueel herhaalt zich dus 8x4x2 maal. Nee, ik had inderdaad niks beters te doen.

Louis van Gaal was tevreden over de poule waar Oranje in terecht is gekomen. Hij had tevoren al aangekondigd dat ‘…hij het geluk aan zijn kont heeft hangen’. En inderdaad zijn Senegal, Qatar en Ecuador op papier niet de gevaarlijkste tegenstanders. Op papier. Want het gevaar zit hem natuurlijk juist in die wetenschap. Onder Frank de Boer had ik Oranje dan ook geen enkele kans gegeven in deze poule en was het voor Oranje gewoon ‘de poule des doods’ geworden. Waarom? Je kunt eigenlijk alleen maar verliezen en de andere drie kunnen alleen maar winnen. Verliest bijv. Qatar van Oranje, dan hebben ze gedaan wat ze konden, gevochten als leeuwen voor volk en vaderland maar verloren van een veel sterker team. Dat is ook winst. Als ze gelijk spelen wordt de 29e november uitgeroepen tot nationale feestdag. En bij winst worden ze door de sjeik bovendien nog bedolven onder een stapel Bentleys en luxe jachten, die hij goedkoop van een paar Russen kon overnemen.

Oranje kan echter alleen maar verliezen. Als ze niet winnen zijn ze de slemiel, als ze wel winnen was dat gewoon te verwachten en niks bijzonders. Hoe bereid je je daar psychologisch op voor?

Ik zet al mijn kaarten op van Gaal. Ik vind het sowieso razendknap dat hij Oranje voor de poorten van de hel het toernooi in heeft kunnen slepen en ik denk dat hij als geen ander het team voor een catastrofe kan behoeden.

Het bericht vanmorgen dat van Gaal aan een agressieve vorm van prostaatkanker lijdt, deed me dan ook pijn. Jij en Janny weten maar al te goed waar de man nu voor staat. Intussen moet hij dan nog gewoon zijn werk doen, werk waar hij intens van geniet en waar wij graag naar kijken. Ik kan hem dan ook alleen maar alle geluk aan zijn kont of aan welk ander lichaamsdeel dan ook wensen! Moge hij hier gezond doorheen komen!

Winterslaap

Afgelopen zondag ben ik bijna letterlijk ontwaakt uit mijn winterslaap. Alhoewel ook wij natuurlijk overal hadden gelezen dat in de nacht van zaterdag op zondag de klok weer een uur vooruit moest worden gezet, hadden wij er in het geheel niet meer aan gedacht.

Plotseling bleek het aan de ontbijttafel niet half tien te zijn maar half elf. Ineens was de zondag overduidelijk een uur korter voor ons. Dat het langer donker was gebleven dan een dag eerder hadden wij simpelweg niet gemerkt. Kortom wij waren die dag van slag. Eigenlijk gewoon een verloren zondag.

Volgens de geleerden (welke geleerden dan?) zou het een enorm voordeel voor ons zijn dat het ’s avonds een uur langer licht is terwijl wij er ’s morgens nauwelijks iets van merken. Wij slapen dan immers nog.

Van de week las ik dat een chrono-bioloog het helemaal niet zo gezond vindt voor ons. Allereerst vroeg ik mij af wat een chrono-bioloog is. Dat was nog snel gevonden. Een chrono-bioloog bestudeert het bioritme van mensen. Volgens deze deskundige hebben avondmensen tijdens de zomertijd een slaaptekort van twee tot drie uur. Dat schijnt een risicofactor voor het krijgen van hart- en vatziekten te zijn.
Volgens een andere ‘deskundige’ (een CDA Europarlementariër) hebben niet alleen het gezinsleven maar ook kippen, koeien en andere dieren te lijden onder het volledig zoekraken van het bioritme. Een zeer ernstige zaak dus.

De zomertijd. Voor sommigen betekent dat een week lang een ochtendhumeur en wallen tot op de knieën. Maar ook onze huisdieren hebben dus last van de overgang van winter- naar zomertijd.

Maar waarom doen wij het dan toch al bijna 50 jaar? Al in het voorjaar van 2019 ging het Europees Parlement akkoord met het beëindigen van de zomer- en wintertijd in 2021. En toch hebben wij afgelopen weekend gewoon weer de klokken een uur vooruitgezet.
Maar wat blijkt, het parlement heeft echter een uitstelclausule aangenomen om te voorkomen dat er een grote verscheidenheid aan verschillende tijden ontstaat. De meeste EU-landen, waaronder Nederland, hebben meer tijd nodig om de bevolking, het bedrijfsleven en belanghebbenden te raadplegen. Ik denk vooral het bedrijfsleven en wie die belanghebbenden precies zijn ontgaat mij.
Dus voorlopig gaat het voorstel om de zomertijd af te schaffen de ijskast in.

Wij hebben dus al bijna drie jaar meer tijd nodig om het in Europa eens te worden over de vraag of wij nog wel door moeten gaan met het elk jaar opnieuw verzetten van de tijd. Komt tijd komt raad zou je zeggen. Nee dus.

Of zou het kunnen zijn dat wij in Europa ook hier geen overeenstemming over kunnen bereiken en dat ik dan mijn klok een uur terug of juist vooruit moet zetten als ik bij jou op bezoek kom, Joop?

Intussen slaap ik gewoon weer gemiddeld zeven tot acht uur per nacht of het nu donker of licht is buiten en hoop dat wij het laatste weekend van oktober de klok voor het laatst weer een uur mogen terugzetten. Ik vrees echter dat wij dan toch weer meer tijd nodig hebben in Nederland maar ook bij onze buren.

Muilkorf en mondkapje

Sorry Ernst, ik heb zelf gezegd niet dagelijks te kunnen/willen bloggen maar sommige onderwerpen zijn gewoon te mooi om voorbij te laten gaan.

In Nederland eindigt vandaag de mondkapjesplicht. In Duitsland overweegt men die te verscherpen. In de coronaperiode heb ik meer geleerd over de verschillen tussen Duitsland en Nederland dan in alle jaren daarvoor. De Volkskrant schrijft vandaag een uitstekende analyse over waarom in Nederland, maar ook in Zweden, Noorwegen en Denemarken, de weerzin tegen dat ding zoveel groter is dan in andere landen. VK stelt dat de Nederlander zich vrij wil kunnen uitspreken, geen blad voor de mond neemt (op het botte af, denk aan mijn: “Dat beamerscherm hangt scheef, Ernst”) en zich niet laat muilkorven. Ik denk dat de VK gelijk heeft dat dat diep in onze cultuur zit. En dat is naar mijn mening weer terug te voeren op de Reformatie en onze Protestant/Calvinistische inslag. Wij spraken ons toen duidelijk uit tegen de Rooms Katholieke Kerk en lieten ons daarbij niet de mond snoeren. 

Hier aan de grens was dat natuurlijk wel een dingetje. Iedereen die in Duitsland zonder mondkapje een winkel betrad werd direct streng toegesproken. Iedereen waren vooral de Nederlanders. Die gingen daarop ook steevast in hun steenkolenduits in discussie. “Ach, ist das wirklich so? Ich will aber nur kurz…” Daar begrepen die Duitsers nog minder van. Regels zijn regels immers.

Tegelijk bekeken de Duitsers iedere Nederlander als een wandelende Coronabom. Het weerhield hen er echter niet van de geliefde markt in Dinxperlo, met zijn goedkope (en lekkere!) Hollandse vis, kaas en bloemen te bezoeken en om op zondag toch naar de Jumbo te gaan. Want dan zijn in Katholieke Duitsland alle winkels dicht en dan krijgt de koopgrage Duitser last van ontwenningsverschijnselen. En die wonnen het van de Corona-angst.

Ik kwam zelf een beetje klem te zitten in de hele situatie. Waar ligt mijn loyaliteit? Aan de ene kant moest ik soms zuchten over de strengheid waarmee de regels in Duitsland werden gehandhaafd. Aan de andere kant stoorde me de egocentrische nonchalance in NL steeds meer. Als in NL een minister zegt dat overmorgen de terrassen open mogen, dan gaan ze diezelfde avond nog open, als het moet met gasverslindende heaters. In Duitsland blijven ze steil doorgaan met handhaven tot uur U. En er wordt niet gemarchandeerd. In NL moest je even wapperen met je QR-code en dan was het “Ja hoor, gaat u maar zitten”. In Duitsland moet je in het rijtje bij de deur wachten en naast je QR-code je paspoort of ID laten zien. Altijd. Overal. En bij de Appleshop in Oberhausen keken ze me zelfs meewarig aan toen ik die ID, op mijn nieuwe IPhone nota bene, als fotootje liet zien. Of ik aub het echte pasje kon tonen. Alles ongelooflijk vriendelijk, efficiënt en professioneel, dat dan weer wel.

Uiteindelijk heb ik me geconformeerd aan de Duitse mores, vooral onder de indruk van het feit dat in die twee jaar de besmettingscijfers in D steevast de helft tot soms een vijfde waren van die in NL. En dus draag ik, als het druk is, ook na vandaag bij de Jumbo een mondkapje. Eén ding weet ik dan zeker. Bij de kassa word ik in het Duits aangesproken.

(Cartoon: © POLO)

Waldorf en waterpas

Hi Ernst,

Alan Parsons, ja geweldig! Ik bestel net ‘Out of the Blue’ op CD van The Electric Light Orchestra (E.L.O.) Er hangt hier sinds 1 januari de Beatles scheurkalander (nostalgie!) en daar noemde John Lennon Jeff Lynne vanwege dit album ‘de enige waardige opvolger van de Beatles’. Dus meteen besteld als CD, want te lang niet gehoord en ik kan maar geen vrienden worden met Spotify en consorten. Gisteravond wilde ik wat beluisteren bij Apple Music en niets wilde werken. Bleek vanmorgen dat Apple een storing had. OK, kan gebeuren. Maar er is altijd wat. Een CD pak je en het knalt uit de speakers.

Bedankt voor de tip maar ik kan je garanderen dat onze wastafel perfect waterpas hangt! Je kent Hans, onze klusjesman. Waterpasser wordt het niet, Ernst! Maar je herinnert hier fijntjes aan één van de weinige dieptepunten in onze vriendschap, die ik hier met schaamte moet uitleggen. In 2009 richtten Verena en ik onze eerste galerie/studio in aan het Hahnenpatt 15a in Suderwick. Ernst en Janny hebben daarbij enorm geholpen. Zo was Ernst in zijn eentje een flink deel van de dag bezig ons beamerscherm op te hangen, terwijl Verena en ik gezellig aan het inkopen waren. Ik kom binnen en zie dat scherm en zeg, lompe Haagse lul die ik soms kan zijn: “Goedemiddag Ernst, dank je wel maar hij hangt scheef hoor!” Ernst werd heel rood maar hield zich in. Heel knap eigenlijk. Waterpas erbij. Natuurlijk hing het scherm recht maar liep het plafond vreselijk scheef. Nogmaals excuus Ernst, hier voor het oog van heel de wereld!

Als fotograaf heb ik ooit iets dergelijks meegemaakt. Ik maakte in 1993 in opdracht van de Rijksgebouwendienst een boekje over het monumentale en toen fris gerenoveerde pand Herengracht 380 in Amsterdam waar het NIOD (vml. RIOD) zijn intrek ging nemen. Ik fotografeerde o.a. een fraaie gang. Met de analoge Hasselblad uiteraard. Toch bepaald geen speelgoedcamera.

Maar de volgende dag schrok ik behoorlijk toen ik de ontwikkelde films op de lichtbak bekeek. Eén van de muren stond krom! Vertekening van de lens wellicht? Meewarig boog mijn toenmalige compagnon zich over de dia’s en zei: “Dat komt door die groothoeklens die jij gebruikt. Het nieuwe type is veel beter!” Het waren de tijden dat we goed verdienden met fotograferen en zoiets kon ik natuurlijk niet op me laten zitten, dus spoorslags naar Capi-Lux Vak in Amsterdam voor een nieuwe Carl-Zeiss Distagon 4.0/40mm. Na inruil van de oude moest ik toch nog 3.500,- Gulden aftikken. Maar ik was wel vlakbij de Herengracht en kon de lens onmiddellijk uitproberen. De volgende dag als een speer naar het laboratorium om de nieuwe opnamen te bekijken. En Gdvrdegdvr, de muur stond nog steeds even krom!

Compagnon er weer bij. Grote vraagtekens boven onze hoofden. En samen naar de Herengracht. En wat daar niet zo opviel maar er op de foto wel uitsprong: de muur was krom! Die lens heb ik overigens nog steeds maar gebruiken doe ik hem niet meer. Ik heb dan ook besloten hem op Ebay te zetten. Want daar brengt hij – gebruikt – tussen de 1.500 en 2.000 Euro. Met beleggen had ik ooit minder succes!

(Cartoon: © Dirkjan)

Old and wise

Ha, die Joop. 
Alhoewel wij ons hadden voorgenomen om niet elke dag op elkaar te reageren, waren er toch voldoende aanleidingen in jouw bijdrage om vandaag eens even de tijd te nemen om te reageren. Al was het maar om hier en daar wat te prikkelen.

Je vraagt je af of je door jouw waarnemingen ongeneeslijk nostalgisch en melancholiek aan het worden bent en of het niet fout is om af en toe terug te verlangen naar vroeger, vroegâh vrij vertaald in dat mooie Haagse dialect.

Ik kan je geruststellen. Ja, het is ongeneeslijk en nee, het niet fout. Het is onlosmakelijk verbonden aan onze leeftijd en het is soms heerlijk om je erin onder te dompelen.
Tegelijk leer je te accepteren dat je korte termijn geheugen minder wordt en je lange termijn geheugen beter. Niet zo gek lang geleden schreef ik daar op deze plaats een overpeinzing over,
Tegenwoordig excuseer ik mij dan ook steeds vaker met de opmerking ‘daar heb ik geen actief geheugen bij’. Meestal helpt die ander, een veel jonger iemand, mij dan bij het terughalen van die herinnering. Wel zo gemakkelijk.
Maar ik geef toe er zijn van die mensen die veel jonger zijn dan wij, die menen met zo’n excuus te kunnen wegkomen.
Als wij dus een Haagse versie van Waldorf en Statler willen zijn dan ontkomen wij er niet aan ons zo nu en dan als oude wijze mannen te gedragen en ons onder te dompelen in nostalgie en melancholie. Lekkâh !

In dat kader hoorde ik vanmorgen een prachtige oude hit van The Alan Parsons Project – Old and Wise. Ik was pas 36 jaar oud toen ik werd overdonderd door dit prachtige lied. Alhoewel ik toen al een beetje kaal werd, was ik bepaald nog geen oude wijze man. Misschien stemt zo’n lied wat te lief en weemoedig, maar daar hadden Waldorf en Statler ook een menig over:
Statler: You know something, that was a sweet number.
Waldorf: It sure was.
Statler: You know something else?
Waldorf: What?
Statler: I HATE sweet numbers.

Oh ja en omdat ik het niet kan laten toch nog een tip,
Je zult begrijpen dat ik het om meerdere redenen verstandig vind om bij dat grote Zweedse woonwarenhuis te kopen. Sommige artikelen (denk bijvoorbeeld aan de Billy) hebben ze daar al decennialang in het assortiment, maar kennelijk voldeed jouw droomwastafel niet meer aan de normen van deze tijd. Maar het kan ook zo maar aan leveringsproblemen hebben gelegen.
Nou weet ik dat jij het zeer belangrijk vindt dat iets waterpas hangt of staat. Maar in dit geval zou het wel eens de oplossing kunnen zijn om de wastafel juist een klein beetje uit het lood te plaatsen. Dan hoef je na het tandenpoetsen niet met je handen je spuug en tandpastaresten naar het putje te dirigeren. Dan loopt het wellicht vanzelf weg. Het was maar een idee maar misschien ben je het er niet mee eens.