Overpeinzing

Er zijn van die dagen dat je je afvraagt wat de mensheid bezielt. Waar toch die agressiviteit, dat egoïsme en die niet aflatende haat vandaan komen? Hoe komt het dat klaarblijkelijk elke dialoog over, zelfs ogenschijnlijk, niet controversiële zaken onmogelijk lijkt? Hoe komt het dat wij zo snel op onze teentjes getrapt zijn en geen loyaliteit naar onze medemens meer kunnen opbrengen? Waarom lijkt het vele nep-nieuws voor een groot aantal mensen de waarheid achter heel veel te zijn en worden traditionele nieuwsmedia niet meer geloofd ? Hoe komt het dat heel veel, vroeger heel normale, regels niet meer worden nagekomen en soms massaal worden overtreden of genegeerd? Hoe komt het toch dat de laatste tijd de discriminatie weer lijkt toe te nemen ?

Of zie ik het allemaal verkeerd en word ik naar mate ik ouder word gewoon een vervelende oude azijnpisser ?

Allemaal vragen die mij de laatste tijd steeds meer bezighouden en die zelfs, zo nu en dan, bij mij tot angst voor de toekomst leiden. Angst voor het ongewisse en angst voor de kans dat wij er binnenkort met elkaar helemaal niet meer uitkomen en een wereld creëren die voor onze kinderen en kleinkinderen, om het zacht uit te drukken, uiterst onplezierig wordt. En dan heb ik het nog niet eens over de grote milieuproblemen die ons te wachten staan als er niet snel allerlei, voor iedereen, moeilijke maatregelen worden getroffen. Ook over dat onderwerp zien wij om ons heen weer “ontkenners” die de weg naar door iedereen gedragen oplossingen ontzettend bemoeilijken.

Intussen moeten wij het in ons kikkerlandje doen met een demissionaire minister-president die vergeten is hoe hij op 1 april van dit jaar eigenlijk gewoon door de overgrote meerderheid van de 2e kamer is weggestuurd en glimlachend ‘werkt’ aan een nieuw kabinet Rutte 4. Weggestuurd omdat hij het met de waarheid niet zo nauw had genomen en koketterend met zijn vergeetachtigheid.
Rutte 4 als opvolger van een kabinet Rutte 3 waar in de afgelopen 4 jaren liefst twaalf ‘bewindspersonen’ het veld ruimden omdat zij moesten aftreden of omdat zij elders een erebaantje kregen aangeboden en daarmee voorkwamen dat zij ook moesten aftreden.
Wij moeten het ook doen met een 2e kamer met honderdvijftig ‘volksvertegenwoordigers’ waarvan een groot aantal al een hele tijd vergeten is dat zij er mogen zitten omdat wij ze met elkaar gekozen hebben om onze stem te laten horen. Die stem horen zij al lang niet meer en zijn al maanden alleen nog bezig met elkaar vliegen af te vangen of op agressieve en persoonlijk manier te beledigen.

De vraag dient zich aan hoe dit nog langer moet. Moeten wij weer opnieuw en vervroegd naar de stembus en ontstaat dan ineens wel een basis van vertrouwen en is men dan wel bereid en in staat om een nieuwe bestuurscultuur met elkaar in gang te zetten?

En als het op dat niveau al niet lukt hoe moeten wij dan zelf de problemen oplossen waar ik aan het begin van deze overpeinzing mee startte? Of zijn wij er sowieso niet toe in staat ?Heel veel vraagtekens in zo’n korte overpeinzing. Vraagtekens die om een oplossing schreeuwen.

Misschien moeten wij simpelweg bij ons zelf beginnen en weer proberen te gaan luisteren naar de meningen en gedachtes van anderen en vooral elkaar weer gaan respecteren.
Het lijkt ouderwets “geitenwollen sokken gepraat” maar ik ben er van overtuigd dat wij alleen op die manier er langzaam maar zeker weer uitkomen.

En om dan toch een beetje positief te eindigen – heel voorzichtig signaleer ik de eerste tekenen hiervan bij onze jonge generatie. Misschien is het dan toch nog niet te laat !!

2 antwoorden op “Overpeinzing”

  1. Ernst, vroeger had NL landendelijk en lagere overheden een goede balans tussen idealisme en rationele inzichten, ook in het bedrijfsleven. Dat is nu uit balans. Maa onze jeugd zal da zeker wéer herstellen, want NL heeft geweldige jonge mensen.
    Het zijn slimme en hard werkende kanjers. Die hebben het herstel van onze economie, niet die hangjassen in Den Haag

  2. Ja, en met je worsteling met deze vragen ben je bepaald niet alleen! Ook je lichtpuntje zie ik als enige uitweg. Want iets anders kunnen we ook niet doen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.