Waar gaat dat heen ???

Vier handen aan het stuur. Een gebreid vestje met een capuchon. Een pofbroekje en maat 22 schoentjes.  Een lange, stoffen, regenjas en een modieuze hoed. Een grote fietsbel links en een sigaret in de rechter mondhoek.

Papa trapt stevig door en zoonlief kijkt strak en ietwat angstig voor zich uit. Wie weet komt er dadelijk nog een tram om de hoek en die maakt nogal veel herrie. Maar dan heeft papa altijd nog een luid klinkende fietsbel. Hij hoeft er niet eens zijn handen voor van het stuur te halen.
Tram 8 is net gepasseerd op weg naar de Koninginnegracht. Veel mensen zitten er niet in want hij is bijna bij zijn eindpunt.

Het is 22 maart 1948, ‘s morgens om een uur of elf en vader en zoon zijn op weg naar het stadhuis ! Ze moeten opschieten want het loket sluit om 12:00 uur en vandaag wil hij als het even kan zijn tweede zoontje aangeven en een naam geven. Dat zoontje is geboren in de Oranje-kliniek aan de Scheveningseweg. Op Scheveningen dus !

Hij heeft zijn eerste zoontje, die nu bijna twee jaar oud is, meegenomen als een soort getuige of omdat er misschien even geen oppas was.  Ook hij is bijna twee jaar geleden geboren in diezelfde kliniek, waar hij direct na zijn geboorte in een biezen wiegje werd gelegd. Echte kinderbedjes waren er gewoon niet. Er was in 1946, direct na die verschrikkelijke wereldoorlog,  immers een geboortegolf ontstaan.

Ernst senior en Ernst junior zijn dus op weg naar het Stadhuis aan het Spui om de geboorte van zoon Adriaan Cornelis aan te geven. Hij wordt vernoemd naar zijn moeder Adriana en naar zijn opa (van moederskant) Cornelis.

Zo ging dat in die tijd. Lekker gemakkelijk en je hoefde er ook niet zo lang over na te denken. Al kon dat zo nu en dan bij bepaalde voorouders ook wel eens tot een teleurstelling leiden.  “Verdorie weer een kleinkind wat niet naar mij vernoemd is”. Soms werd dat probleem opgelost door het kind gewoon 4 namen te geven

Op junior heeft dat bezoek aan het stadhuis  kennelijk een grote indruk gemaakt. Veel later werd dat immers zijn werkplek al heeft hij daar nooit geboorteaangiftes hoeven aannemen. Wel moest hij zelf twee maal naar het stadhuis om nazaten aan te geven. Bij de aangifte van het tweede kind nam hij, goed voorbeeld doet volgen, zijn zoontje mee, die toen bijna 3 jaar oud was. Zij gingen ook op de fiets op de maandagmorgen na een autoloze zondag in 1974.

Vandaag de dag is de romantiek er bijna van af want bij sommige gemeentes kun je gewoon al thuis achter de computer een geboorte aangeven. Gelukkig wordt er vaak nog wel op beschuit met muisjes getrakteerd. Een blauwe mix voor een jongen en een roze mix voor een meisje. Of mag dat onderscheid binnenkort ook niet meer worden gemaakt ?

4 antwoorden op “Waar gaat dat heen ???”

  1. Inderdaad een hele leuke foto , had ook zomaar mijn vader kunnen zijn , droeg ook altijd een hoed en is heel wat keertjes ( 6 x ) op z’n fiets naar het stadhuis geweest voor geboorteaangifte .

  2. Wat een fantastisch leuke foto. En met jouw verhaal erbij beleef je als kijker en lezer het mooie en gewichtige doel mee waarnaar jullie op weg zijn!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.