HET RAAMPJE.

In de voordeur van onze kleine 3-kamer portiekwoning in Loosduinen zat een klein vierkant raampje. Je weet wel zo’n ding met een draaislotje achter een gehaakt gordijntje.

Dat bleek jarenlang het startpunt voor onze Sinterklaasavond te zijn. Klokslag zeven uur, ik heb het niet helemaal meer paraat dus het kan ook klokslag 8 uur zijn geweest, werd de avondrust in huize Leupen plotseling hevig verstoord door een driftig gebonk op de voordeur.
Verstijfd van schrik bleven wij in onze stoelen zitten. Maar aangemoedigd door onze vader slopen wij toch maar even naar de gang. Vader was kennelijk ook een schijtebroek want hij liet ons altijd voorgaan.

Eenmaal in de gang, ik weet niet meer wie voorop liep ik in ieder geval niet, stak er een hand met een witte handschoen door dat voordeur raampje. Een gehandschoende hand die met flinke vaart tot drie- viermaal toe van die harde pepernoten en andere zoetigheid de gang in smeet.
Of de witte handschoen aan Sinterklaas zelf toebehoorde of aan Zwarte Piet is ons nooit duidelijk geworden. Achteraf denk ik aan Zwarte Piet want zo’n oude man met baard kon nooit zo hard smijten.
Na de vierde worp durfden wij eindelijk richting voordeur te lopen. Je zou door die harde pepernoten immers nog gewond kunnen raken.

Opnieuw aangemoedigd door onze vader opende een van ons, waarschijnlijk de latere Politieman Aad, nieuwsgierig de voordeur. Van de Sint noch Zwarte Piet was nog enige spoor te bekennen, maar misschien wilden wij dat ook helemaal niet.
Voor de deur stond een grote jute zak met een touw en een label dichtgeknoopt. Op de label stond met rode letters “familie Leupen”.
Mijn vader pakte de zak op en naam hem op zijn rug mee naar de huiskamer. Ik verdenk onze moeder ervan dat zij daarna stiekem dat voordeur raampje weer op slot draaide.

Daarna begon het “feest” van het uitpakken. Gedichten waren er niet. Daar was Sint destijds kennelijk niet zo goed in.
Veel van de kadootjes waren snoepgoed, zoals chocoladeletters van de HEMA en marsepeinen wortelen. Maar alle drie de “jongens” evenveel anders was het niet eerlijk. Klein speelgoed en boekjes waren er ook wel bij.
Samen met een kop chocolademelk en een stukje banketletter maakte dat het Sinterklaasfeest in huize Leupen compleet.

De dag na het feest hoorden wij op het nieuws en lazen wij in de Haagsche Courant dat de Sint weer was teruggevaren naar Spanje.

Het voordeur raampje bleef weer een jaar lang hermetisch afgesloten. Maar onwillekeurig keek ik de eerstvolgende weken, als het donker was, even in die richting. Je wist maar nooit zo alleen op die donkere gang.  

5 antwoorden op “HET RAAMPJE.”

  1. Tja, toen waren er nog geen zwarte Pieten discussies en ladingen grote, dure cadeaus. Toen was het gewoon nog een mooi, spannend feest! Leuk verwoord Ernst.

  2. Wat een geweldig verhaal, ik kan me helemaal inleven

    Ikzelf heb een soort van trauma aan 5 december overgehouden want toen ik een jaar of drie was zat ik ik bad met mijn een jaar oudere broer, toen opeens de deur open vloog en twee zwarte pieten met enorm veel herrie binnenkwamen. Wij werden wel met die harde pepernoten (in bad) bekogeld. Ik heb daarna nooit meer zo hard en lang geschreeuwd.
    Ja, het was een geweldige jeugd

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.